echtscheiding / echtscheiden / in de echt gescheidendivorce
Hier komen binnenkort vertalingen van deze zoekterm...
personen- en familierechtrecht
(echtscheidingsrecht) - één van de manieren waarop een huwelijk kan eindigen; wordt op verzoek van (een een van) de echtgenoten door de rechter uitgesproken als het huwelijk duurzaam ontwricht is.
Echtscheiding wordt op verzoek van één der echtgenoten uitgesproken, indien het huwelijk duurzaam ontwricht is.
Artikel 163 Boek 1 BW:
1. De echtscheiding komt tot stand door de inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand. 2. De inschrijving geschiedt op verzoek van partijen of van één van hen. 3. Indien het verzoek tot inschrijving niet is gedaan uiterlijk zes maanden na de dag waarop de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan, verliest de beschikking haar kracht.
Deel deze pagina met:
echtscheidingsbemiddeling / mediation
Hier komen binnenkort vertalingen van deze zoekterm...
personen- en familierechtrecht
(algemeen) - vakgebied dat voornamelijk met het echtscheidingsrecht samenvalt; de (ex)partners trachten d.m.v. gezamenlijk overleg onder leiding van een bemiddelaar (mediator) zelf tot een optimale regeling van de scheiding en de gevolgen daarvan te komen, zonder dat er over de geschilpunten moet worden geprocedeerd bij de rechtbank. Na gemiddeld vijf sessies kan de echtscheiding op gemeenschappelijk verzoek worden aangevraagd en is de echtscheidingsbeschikking slechts een 'hamerstuk'.
Echtscheiding tussen echtgenoten die niet van tafel en bed gescheiden zijn, wordt uitgesproken op verzoek van één der echtgenoten of op hun gemeenschappelijk verzoek.
Deel deze pagina met:
Scheidungsurteil acte de divorce resolución de divorcio decreto di divorzio wyrok rozwodowy
personen- en familierechtrecht
- rechterlijke uitspraak dat het huwelijk is ontbonden en de gevolgen van die ontbinding moeten worden geregeld. Bijv. de verdeling van de gemeenschap. De echtscheiding komt tot stand door de inschrijving van de ~ in de registers van de burgerlijke stand.
1. De echtscheiding komt tot stand door de inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand. 2. De inschrijving geschiedt op verzoek van partijen of van één van hen. 3. Indien het verzoek tot inschrijving niet is gedaan uiterlijk zes maanden na de dag waarop de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan, verliest de beschikking haar kracht.
Deel deze pagina met:
echtscheidingsconvenantdivorce agreement
Hier komen binnenkort vertalingen van deze zoekterm...
personen- en familierechtrecht
(echtscheidingsrecht) - overeenkomst tussen echtgenoten die van elkaar wensen te scheiden en die bij voorbaat de financiële gevolgen van die echtscheiding en omgangsregeling wensen te regelen.
Vóór of na de beschikking tot echtscheiding kunnen de echtgenoten bij overeenkomst bepalen of, en zo ja tot welk bedrag, na de echtscheiding de één tegenover de ander tot een uitkering tot diens levensonderhoud zal zijn gehouden. Indien in de overeenkomst geen termijn is opgenomen, is artikel 157, vierde tot en met zesde lid, van overeenkomstige toepassing.
Artikel 159a Boek 1 BW:
Een overeenkomst als bedoeld in de artikelen 158 en 159 van dit boek staat niet in de weg aan verhaal op grond van artikel 93 van de Algemene bijstandswet en laat de vaststelling van het te verhalen bedrag onverlet.
Deel deze pagina met:
echtscheidingsrechtdivorce law
Hier komen binnenkort vertalingen van deze zoekterm...
personen- en familierechtrecht
(echtscheidingsrecht) - vak-, rechtsgebied uit boek 1 Burgerlijk Wetboek en wetboek van Rechtsvordering, met betrekking tot (het voeren van) echtscheidingen, de vermogensrechtelijke aspecten daarvan (boedelscheiding) en alimentatie. Het ~ is een subgebied van het familierecht.
Echtscheiding tussen echtgenoten die niet van tafel en bed gescheiden zijn, wordt uitgesproken op verzoek van één der echtgenoten of op hun gemeenschappelijk verzoek.
Artikel 169 Boek 1 BW:
1. Scheiding van tafel en bed kan worden verzocht op dezelfde grond en op dezelfde wijze als echtscheiding. 2. De artikelen 151, 154 tot en met 159a zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de termijnen, bedoeld in artikel 157, derde tot en met zesde lid, aanvangen op de dag waarop de beschikking tot scheiding van tafel en bed is ingeschreven in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116, en dat de duur van het huwelijk wordt berekend tot die dag. 3. Een verplichting van een echtgenoot om uit hoofde van scheiding van tafel en bed levensonderhoud te verschaffen aan de andere echtgenoot, eindigt bij ontbinding van het huwelijk.